
Enkele citaten uit de
catalogus die verscheen bij de solopresentatie van F.M. Hutchison
in het bedrijfspand van VODW Marketing in Leusden:
F.M. Hutchison: "In de
twintigste eeuw hebben 'wij', is mijn theorie, door de komst van de
kleurentelevisie [en recent natuurlijk de computer, FMH] een andere
perceptie van kleur gekregen. Dit is geleidelijk en ongemerkt
gegaan. De kleuren op TV zijn anders dan die in de wereld om ons
heen. De kleuren en beelden op TV [en computer] zijn geprojecteerd.
Daarbij is het zo dat er in allerlei programma's scènes artificieel
worden belicht. Artificiële belichting is iets dat mij fascineert.
Door het gebruik van belichting kan een scène in één knopomdraai
totaal veranderen in zijn sfeer en betekenis."
(...)
Toch zijn de werken niet
enkel vingeroefeningen in kleur en belichting. Humor, absurditeit
en ironie spelen in veel schilderijen een belangrijke rol. Door de
monumentale uitvergroting van alledaagse kleine voorwerpen krijgen
de doeken een aan Magritte verwante surrealistische
ondertoon.
(...)
Voor zijn meest recente werk
maakt F.M. Hutchison regelmatig gebruik van 3D
computerprogramma's en composities om bepaalde
belichtingsmogelijkheden te testen. Het gebruik van de computer
plaatst Hutchison in een kunsthistorische traditie van kunstenaars
die zich in hun werk lieten inspireren door eigentijdse nieuwe
uitvindingen. Zo maakten kunstenaars als Johannes Vermeer in de 17e
eeuw en Ingres in de 19e eeuw dankbaar gebruik van de camera
obscura, de camera lucida en nieuwe inzichten in de
optica.
F.M. Hutchison: "Elke
schilder ziet zich voor de vraag gesteld: "Wát ga ik maken? En
Waarom?"En ook: "Hoe verhoud ik me tot de traditie,. tot wat er al
is?" "Vanaf het begin van mijn schilderscarrière heb ik een
soort visioen gehad van een belichtingsmachine. Een soort theatrale
constructie die ik mezelf altijd voorstelde als een apparaat
waarmee ik alle scènes die voor mijn geestesoog verschenen zo
realistisch mogelijk kon creëren en uitlichten. De ironie is
dat mijn 'droommachine' door de ontwikkelingen in de techniek
binnen enkele decennia werkelijkheid is geworden, de computer. Nu
de mogelijkheid er is gebruik ik hem ook. Binnen het
scheppingsproces is de computer uiteindelijk niet meer dan een
hulpmiddeltje.
Het uiteindelijke resultaat wijkt vaak mijlenver af
van de digitale voorstudies."
tekst: Frank Welkenhuysen,
kunsthistoricus